Boksen houdt je rechtop
BOOMERBOKS & PARKIBOKS ALS MEDICIJN
Boksen, da’s niks voor macho-haantjes. Die krijgen vroeg of laat zelf klop. En dan zie je de tanden vliegen en de neuzen breken. Niet zo bij onze Boomerboks of Parkiboks. Als ouderen de vuisten laten spreken, doen ze dat met stijl: eerst vragen of het mag. En enkel op elkaars bokshandschoenen of op een zak. Maar geklopt wordt er! En gehuppeld en gesprongen, ritmisch, nu eens links, dan weer rechts, soms op snelheid, soms met finesse.
Mohamed Ali alias Casius Clay was ongetwijfeld de grootste bokser aller tijden. De laatste decennia van z’n leven streed hij echter een strijd die hij niet kon winnen: die tegen de ziekte van Parkinson. Of toch een variant ervan die ook wel boksersdementie wordt genoemd.
En hoe contradictorisch het ook lijkt: in deze tijden blijkt bokstraining net een adequaat middel tegen Parkinson te zijn. De VGC en het Brussels Ouderenplatform sloegen de handen in mekaar. We trokken naar GC De Markten waar wekelijks twee bokssessies op het programma staan.
“Mohamed Ali bokste natuurlijk in andere tijden. In die generatie was het slaan, incasseren en nog harder slaan. Topboksers deelden harde klappen uit, maar incasseerden er ook veel. En dat is niet goed voor de hersenen”, knikt Lore Bacquaert (69). “Nu gaat boksen toch meer om raken zonder geraakt te worden.”
Nooit sportief geweest
“Lore is een fenomeen. Ze is de lijm binnen deze groep”, fluistert Kathleen De Roock (VGC-sportpromotor ouderen) ons toe. Maar ze is meer dan dat. De enthousiaste spring-in-‘t-veld is zelf begonnen met boksen om gezondheidsredenen.
“Acht jaar geleden werd ik geopereerd omwille van hartritmestoornissen. En kijk waar ik nu sta. Ik voel me 20 jaar jonger. Dat is niet vanzelf gegaan, maar door best hard te trainen. Ik ben bijna 70, maar testen & tabellen schatten m’n leeftijd nu in op 50. Of dat zijn toch de woorden van m’n dokter…”
“Eigenlijk was ik vroeger nooit sportief”, verbaast Lore. “Ik was ook altijd druk bezig met het werk, jarenlang o.a. bij het Kaaitheater. Maar eens gepensioneerd moest ik wel iets doen. Dus probeerde ik vanalles: zwemmen, tennis, paardrijden, yoga… Maar ik vond niks waar ik me echt goed bij voelde, waar ik me volledig kon smijten. Tot ik in het BOp-Magazine las over een sessie speels boksen. En dus ging ik ook daar eens kijken.”
Geen abonnement, wel een zap-kaart
“Voordien had ik ook Tai chi geprobeerd (nvdr: tai chi is een Chinese trage bewegingskunst ook wel schaduwboksen genoemd). Alleen lag ook dat me niet zo goed. Maar het fijne aan het sportsysteem binnen het BOp en het VGC-Goldaanbod is dat je niet vast zit aan een jaarabonnement. Je koopt een 10 beurten-sportkaart en daarmee kan je door een heel aanbod zappen. Ik vind dat super!”
“Dus zo kwam ik bij speels boksen terecht. En ik landde na die eerste sessie terug thuis met een grote smile van oor tot oor op mijn gezicht. Eindelijk had ik mijn sport gevonden.”
Het boksen is een passie geworden voor Lore. Ze assisteert intussen coach Abdel, behaalde ook een attest om Parkiboks te geven en volgt nu een opleiding bokscoach bij de Vlaamse Boksliga.
“Ik heb net m’n eerste examen gehad. Theorie: best moeilijk! Het is 50 jaar geleden dat ik studeerde en nu moest ik ineens terug blokken. Pittig, geloof me! Ik hoop dat ik erdoor ben, maar zelfs al slaag ik niet, dan zal ik toch veel hebben bijgeleerd.”
Parkinson kan je vertragen
“Boksen is echt een medicijn. Niet alleen voor mensen met Parkinson, al is het ook zeker voor hen een aanrader. Het brengt immers iedereen meer evenwicht en stabiliteit, en houdt zowel het lijf als de hersenen in conditie. Die combinatie is superbelangrijk voor de coördinatie van bewegingen.”
Die coördinatie van bewegingen tijdens de boksles: ze lijken op het eerste zicht simpel. Tot je er zelf aan begint. Ondergetekende mocht het als reporter aan de lijve ondervinden. Je moet aan erg veel tegelijkertijd denken en gefocust blijven. Niet op een tegenstander maar op je eigen bewegingen. Maar hoe erg je soms de mist in gaat: ridicuul is het nooit.
En neen het gaat hier niet om iemand anders neer te meppen. De meeste oefeningen zijn individueel, andere in duo. Zweten doe je sowieso. Een workout die kan tellen. Je moet niet eens gepensioneerd zijn. Al trek je toch soms grote ogen van zij die het wel zijn en al wat langer de handschoenen hebben opgenomen.
“Coach Abdel is een artiest. En hij heeft een ongelooflijk goed oog”
Trainer Abdelhay El Ouarroudi (48) weet dan ook z’n passie voor boksen op doordachte manier aan de man en vrouw te brengen. Op maat van z’n publiek: hij houdt het tempo strak, maar heeft oog voor ieders kunnen en niveau.
“Ik begon met boksen op m’n veertiende, in een plaatselijke club in Marokko. De trainer was ook leraar LO op school. Ik was er meteen door gebeten, deed na een tijdje ook mee aan bokswedstrijden. Tot ik als student naar België kwam en al snel inzag dat een internationale carrière als profbokser er niet in zat. Ik kon me beter op iets anders oriënteren.”
“Als zelfstandige verdiende ik goed geld, maar die oude passie bleef toch knagen. Werken met boksen combineren: dat was mijn uitdaging. Via Mark Dhondt belandde ik bij Buurtsport en zo kon in Kuregem aan de slag. Niet alleen met boksen, maar met algemene sporteducatie, naschoolse sportactiviteiten met kinderen en jongeren, zelfs wat straathoekwerk.”
“En zo kreeg ik ook de kans om binnen een school (La Providence in Kuregem) om met een boksclub te beginnen in hun sportzaal. De Kureghem Boxing Academy draait prima: we zijn aangesloten bij de Vlaamse boksliga en ook onze jeugdige kampers staan goed geklasseerd.”
Bij de VGC en het Brussels Ouderenplatform werkt El Ouarroudi uiteraard met een ander publiek:
“Met de VGC bereiken we uiteraard doelgroepen van diverse leeftijden”, lacht Abdel. “Dus ook ouderen, zoals hier bij de Boomerboks en Parkiboks. Ja, het is een andere manier van werken, maar even boeiend. Het grootste verschil: met kinderen moet je oefeningen meestal in een spelvorm gieten. Aan volwassenen kan je een uitleg geven, hen duiden op het hoe en waarom van een bepaalde beweging. Ze begrijpen het.”
“Bij ouderen gaat het wat trager, maar dat maakt het niet minder goed. En bij hen speelt behalve het fysieke aspect zeker ook het sociale: samen er tegenaan, en ook plezier maken, lachen, een babbel doen.”
Parkiboks in Brussel gelanceerd
Het was Abdel die dit jaar Parkiboks in Brussel op de kaart zette:
“Eigenlijk had ik het opgepikt in Mechelen, waar ik met m’n boksclub te gast was. Parkiboks? Daar had ik nog nooit van gehoord. Maar ik was benieuwd, ging een vorming volgen en zag meteen in: dàt kan ook interessant zijn voor de VGC en voor heel wat Brusselse ouderen. Want ook bij het speels boksen (nu omgedoopt tot boomerboks) had ik gemerkt dat sommige deelnemers bepaalde bewegingen maar moeizaam konden uitvoeren. Gewoon omdat ze om één of andere reden die beweging niet konden memoriseren. Motorisch liep het ook wat hoekiger.”
“Op die vorming kreeg ik antwoorden, kwam ik te weten hoe de ziekte van Parkinson zich manifesteert. En ook hoe boksen daar kan op inspelen. Niet alleen het lijf maar ook de hersenen moeten getraind. M’n ogen gingen open.”
En dus werd Parkiboks ook in het GOLD-aanbod van VGC Sport & het BOp opgenomen. Lore Bacquaert begeleidt mee, want ook zij behaalde intussen haar brevet:
“Ik assisteer Abdel waar ik kan. Hij is de expert, de artiest ook. Want dat is hij. En hij heeft een ongelooflijk goed oog. Hij kan de bewegingen van een persoon perfect ‘lezen’ en analyseren, weet blokkages te situeren.”
Is er een verschil tussen Boomerboks en Parkiboks?
“Neen, niet echt: het gaat per definitie om boksoefeningen met ouderen. Met de boomergeneratie dus (mensen geboren tussen pakweg 1945 en 1960). Parkiboks volgt hetzelfde stramien, maar het tempo kan verschillen. Dat hangt af van het stadium waarin de ziekte zich bevindt.”
Niet isoleren maar leren ven elkaar
“Er trainen al een paar mensen met Parkinson mee. Hun lijf doet het nog prima, en dus oefenen ze nu mee met de boomerboksgroep. Dat is fijner dan hen te isoleren en apart te zetten. Iedereen leert van mekaar. Maar dagen er straks meer mensen op en vergt de ziekte bij hen meer aandacht en aangepaste oefeningen, dan splitsen we de groep op.”
“Bij Parkinson bereiken de commando’s van de hersenen steeds minder goed de ledematen en spieren. Dat leidt soms tot ‘bevriezen’ bij het stappen. Alles stokt plots. Met bokstraining kan je de ziekte niet genezen. Maar je kan het proces wel vertragen en stabiliseren. Kracht en souplesse, evenwicht, coördinatie van verschillende bewegingen, focus houden, stretching, conditie: het wordt allemaal gestimuleerd.”
En niet vergeten: boksen is ook gewoon plezant. Er gewoon eens goed op motten: heerlijk.
Tekst: Francis Marissens
Foto’s: Claudine Dewettinck