Schrijfatelier

Zowel in het BOp als in de bibliotheek van Ukkel organiseren wij een schrijfatelier. Dit atelier creëert een veilige en gemoedelijke omgeving waarbinnen we je willen stimuleren om te schrijven. 

Interesse om vrijblijvend deel te nemen aan een schrijfatelier? Contacteer Bart Braeckevelt, bart.braeckevelt@bop.brussels, tel. 02 210 04 75.

Oude boeken winkel 

 

De auto bolt rustig. Waarom zou je je haasten? Niemand wacht, geen trein te halen, het is vakantie, tijd zat. De wegen smal en bochtig, het landschap verbazend en glooiend, de weiden frisgroen, het vee tevreden. Schapen grazen, koeien liggen in de schaduw van bomen, paarden verjagen vervelende vliegen. Zonnebloemen lachen naar de zon, het koren wuift naar het beetje wind. Hier en daar zweeft een roofvogel hoog in de hemel.

Het zou fijn zijn op een zonnig terras neer te strijken maar de kleine dorpen zonder ‘bistrot’ volgen elkaar op. De winkels zijn verdwenen, zelfs geen bakkerij of slagerij te bespeuren en niemand op straat te zien behalve af en toe een eenzame hond, kat of kip.

Plotseling en onverwacht aan de linkerkant, verscholen achter een kleine Romaanse kerk, zitten enkele mensen gezellig op een terras.

Niets te vroeg.

Het spreekt voor zich dat er voor één van de aanpalende huizen meer dan voldoende plaats is om te parkeren.

“Hey, kijk eens, op die gevel, een ouderwets uithangbord: Livres Anciens.”

De twee kleine ramen op ooghoogte tonen rekken vol boeken. Een kleine jongen kijkt op, een lange, slanke man volgt zijn blik. Oei, zomaar binnenkijken is onbeleefd, doorlopen is de boodschap.

Te laat, de voordeur gaat open, de man verschijnt, hij heeft een vriendelijk rimpelig gezicht en grijs haar.

“Excusez-moi …”, stamel ik gegeneerd.

Een en al glimlach nodigt hij uit binnen te komen: “Mais entrez donc.”

Zijn aanbod klinkt alleraardigst, hij hoeft het geen twee keer te vragen.

Een steile trap met stapels boeken op elke trede leidt naar boven, rechts ontbreekt de deur naar de boekenruimte. De man gaat voor.

“Waw! Zoveel boeken!”

“Het zijn er meer dan 30.000,” zegt hij fier en stelt koffie voor.

Een Schotse collie komt aangetrippeld samen met de kleine jongen van daarnet, de peuter kraait vrolijk, de hond wil gestreeld worden. De man, de opa van de peuter vermoedelijk, lacht, “Kijk maar rustig rond…” hij verdwijnt naar de keuken. De collie en de peuter eisen de aandacht, mijn ogen de kost geven kan ondertussen wel.

Het meubilair is allemaal uit hout, de eenvoudige, houten rekken propvol boeken van alle diktes en groottes reiken tot op enkele centimeters van het witte plafond. Een donkere behangrand hangt los.

Ondanks dat het middag is brandt in een hoek een oranje sfeerlamp, haar warme gloed doet aan een zonsondergang denken. Ernaast een kleine vierkante cafétafel met vier stoelen. Een gekleurd mannenvest hangt nonchalant op één ervan. Evenwijdig aan de muur staat een ouderwets bureau met een laptop en is voor de rest bedolven onder de boeken. Voor het bureau grote kisten gevuld met boeken. Een bibliotheekladder staat tegen een rek klaar voor gebruik. Op de vloer liggen een paar oosters aandoende tapijten en aan een stuk vrije muur, hangen meerdere kaders met foto’s van bekende, overleden schrijvers.

Het is een gezellig interieur.

De man komt terug uit de keuken, hij draagt een dienblad met koffie, melk, suiker en koekjes en zet dit neer op de rechthoekige salontafel. Hond en peuter kijken belangstellend toe. Een piepjonge meid met lang, bruin, sluik haar verschijnt in de deuropening van de keuken en groet. Ze heeft slanke, bleke benen onder een zwart mini-minirokje en draagt een hagelwit topje dat haar blote, strakke buik appetijtelijk in de kijker zet.

Ze zegt: “Viens chez maman Lucas, j’ai une banane pour toi.”

De kleine jongen waggelt onzeker naar zijn mama, op de voet gevolgd door de collie en opa. Giechelend geeft de mama haar zoontje een half gepelde banaan. Hij grijpt ze, draait zich vliegensvlug om, lacht met blinkende pretogen, neemt een snelle hap van de banaan, dartelt samen met de collie rakelings langs de salontafel en ploft kirrend neer op een beige sofa. De hond blaft goedkeurend. Er wordt gelachen met de grappige scène.

Opa doet een arm omheen de schouders van de jonge meid, zoent haar op de mond en verkondigt trots.

“Je vous présente Pauline.”

Een brede glimlach verschijnt op zijn gezicht tegelijk met gele rokerstanden en een gapend gat in zijn mond. Door de ontbrekende tand en geaccentueerd door de jeugdige vrouw naast hem, ziet hij er op slag veel ouder uit. Hij is hoe dan ook op zijn minst de zestig gepasseerd, zij lijkt twintig. Het kan natuurlijk dat ze een pak jonger lijkt dan ze in werkelijkheid is. Maar dan nog. Even uitrekenen. Het leeftijdsverschil bedraagt minstens dertig jaar. Maar wie ben ik om te oordelen? Ze stralen zichtbaar van geluk als ze elkaar opnieuw liefdevol aankijken en teder kussen.

Dit is het uitgelezen moment om rond te neuzen. Waar beginnen? Een volumineus boek steekt een beetje uit. Mmm, eens van dichterbij bekijken: Dictionnaire des trucs.

“Een prima keuze,” zegt de man, “interessant en leuk, dateert uit 1960, en is rijk geïllustreerd, kijk maar rustig, er staan vermakelijke verhalen in hoor, over Vrain-Lucas bv. Kent u die?

“Neen, nooit van gehoord.”

“Hij was een beruchte vervalser uit de negentiende eeuw, ’t is een koddig verhaal. Luister maar.” 

“Jarenlang vervalste hij autografieën die hij voor veel geld verkocht, ja hij schreef eigenhandig brieven die historische figuren uit de oudheid zouden geredigeerd hebben. De zaak kwam eerder toevallig aan het licht doordat Michel Chasles, een bekende meetkundige, ervan werd beschuldigd in valse geschriften te doen. De goedgelovige Chasles kocht regelmatig handgeschreven antieke brieven van Vrain-Lucas en dat biechtte hij dan ook op toen hij door de politie ondervraagd werd. Chasles moet ongelooflijk naïef geweest zijn want mocht hij de brieven nauwkeurig bestudeerd hebben, had hij moeten beseffen, alleen al door het vreemde taalgebruik, dat het om vervalsingen ging. Natuurlijk waren nog meer mensen opgelicht en dupe geweest van Vrain-Lucas, ze eisten dat gerechtigheid geschiedde. Het gevolg was dat de meester-vervalser aangehouden werd en voor de rechtbank moest verschijnen.

Gans intellectueel Parijs wilde aanwezig zijn bij zijn proces, de zaal zat barstensvol.

Bij de brieven lagen juweeltjes van bv. Alexander de Grote aan Aristoteles en de liefdesbrieven van Cleopatra aan Julius Cesar en Marcus Antonius. De Bijbelse en historische figuren schreven verbazend genoeg allemaal in het Oud-Frans. Al bij de aanvang van het proces tijdens het voorlezen van de brief van Alexander de Grote aan Aristoteles lag de zaal plat van het lachen. Wat de aanwezigen hoorden klonk als een ‘charabia’ in antieke taal, niet één zin kon serieus genomen worden. Na het voorlezen van de brief van Maria Magdalena aan de verrezen Lazarus ging het publiek helemaal door het lint toen de rechter opmerkte dat het erop leek dat Maria-Magdalena toneeltukken van Molière bijgewoond had.

Het potsierlijke in deze rechtszaak was dat Vrain-Lucas als straf slechts twee jaar cel en een kleine geldboete kreeg, omdat hij zowel van de vrolijke ingesteldheid van de zaal als van het uitstekende humeur van de rechters profiteerde.”

De man stopt met spreken en glimlacht tevreden, hij heeft een jongensachtige flikkering over zijn magere gelaat.

“Straf verhaal, hè?”

Dat kan enkel beaamd worden!

De man is nog niet uitgesproken.

“Ach, ik ben zelf ook wel eens oneerlijk geweest… hoewel niet in die mate…”

“Ah, oui?”

“Ja…lang geleden bij een doorreis in België, vous êtes belges n’est-ce-pas, heb ik in een tankstation guldens die al lang verlopen waren verpatst, ze hadden niets in de gaten, ik heb het slim gespeeld en ben met de noorderzon verdwenen, ik had ervoor gezorgd dat ze me onmogelijk konden opsporen. Sorry voor uw land want ik hou van België, Belgen zijn bijzonder aangenaam in de omgang.”

Er wordt weer gelachen.

Hoe laat is het eigenlijk? Tijd om af te rekenen denk ik. Ik heb zin in het café hiernaast, in de zon zitten met een lekker drankje, misschien een dagschotel eten, het pas gekochte boek rustig bekijken en het verdere verloop van de dag bespreken.

“Fijn dat u het boek neemt, geloof me vrij, u zal er geen spijt van krijgen, ik pak het in en mocht u een andere keer in de buurt zijn, bent u steeds van harte welkom.”

Angela